Gevleugelde draagkracht

door | 27 jan 2022 | Artikelen, Berichten, Podcasts, Schrijven

In deze blog wil ik graag met je stil staan bij alweer het dertiende hoofdstuk van de novelle Sleutel met als titel: Gevleugelde draagkracht
Deze blog kun je ook als podcast beluisteren via deze link https://soundcloud.com/user-79354976/gevleugelde-draagkracht-sleutel
Eerst een stukje uit dit hoofdstuk.

‘Samen lopen ze een aantal straten door en komen bij het huis van Madame Fleury aan. Zodra Lucia aan tafel gaat zitten ziet ze een oud kistje op tafel staan. Lucia kijkt vol verbazing naar de inhoud: door haarzelf geschreven briefjes en kindertekeningen die ze vroeger onopvallend hier door de brievenbus had gedaan. Het kettinkje met gekleurde kraaltjes dat ze ooit voor haar had gemaakt. Zoveel herinneringen uit haar kindertijd die ze hier voor haar ziet liggen. Verrast pakt ze het een na het andere eruit. Alles is bewaard. ‘Mijn moeder had weinig aandacht voor wat ik maakte of deed, maar jij hebt alles bewaard.’
Een mengeling van verdriet en vreugde gaat door haar heen.
‘Je hebt zoveel moeten missen, ik hoop dat ik genoeg tijd krijg om je alsnog veel te geven.’
Ze ziet onder op de bodem van het kistje een oud notitieboekje liggen dat precies onderin het kistje past. Madame Fleury pakt het eruit en schuift het met haar vlakke hand erop naar haar toe.
‘Wat is dit?’
‘Ik heb vanaf je geboorte elke dag wat geschreven als moeder. Mijn gedachten, mijn liefde en mijn gebeden voor jou staan hier allemaal in. Tot het moment dat je Victor leerde kennen. Ik hoop dat het je helpt om te ervaren dat er echte moederliefde voor jou bestaat. Dat jij je niet langer niemands kind hoeft te voelen. Lieve Lucia, wat heb ik je al die jaren gemist, ik moest je laten gaan. Weet dat ik je nu nooit meer laat gaan.’
Ze staan op en omhelzen elkaar wat onhandig waarna ze haar het kistje geeft. ‘Je bent lopend gekomen of niet? Kom, ik wil je wat laten zien.’
Ze neemt haar mee naar de garage waar de glimmende donkerrode deux-chevaux staat. Ze herinnert zich nog de warme zomerdag dat ze buiten het dorp door Madame Fleury was gevraagd om in te stappen. Samen hadden ze een eindje gereden, onopvallend, hun lange donkere haren wapperend in de wind.
‘Weet je nog wat je toen zei, Lucia?’
‘Ja, dat als ik later mijn rijbewijs zou hebben ik graag in zo’n auto zou willen rijden.’
‘Kom dat stap ik bij jou in, rijden we naar het eikenbos en dan rij ik straks zelf wel terug.’
Lucia schiet in de lach. Samen rollen ze het dak open en maken het achteraan vast met de glimmende drukknopen. Zittend op de glanzende met leer beklede stoelen geeft Madame Fleury haar de sleutel en legt kort uit waar ze op moet letten. Lucia start de auto en geniet van het geluid dat als een grote lopende naaimachine klinkt in deze kleine garage. Ze rijden het dorp in. Hortend en stotend vanwege de ouderwetse versnellingspook in het dashboard, het zware remmen en het grote stuur zonder stuurbekrachtiging. Toch lukt het haar al snel dit ijzeren ros te beteugelen en kan ze het niet laten even op de claxon te drukken. In het kleine achteruitkijkspiegeltje ziet ze een paar dorpelingen verbaasd achteromkijken en hoofdschuddend weer verder lopen. Ze moet erom lachten.
Even later ziet ze dat Madama Fleury haar haren los maakt. Het geeft een glimlach op haar gezicht en ze gooit ook haar haren los in de wind. Uiteindelijk rijden ze samen, stil genietend van dit onverwachte moment, richting het bos. Vanwege de vering in de deux-chevaux schommelen ze over het pad met keien lachend alle kanten op. Even later parkeert ze hem naar haar eigen auto. Met een langzame beweging haalt ze de sleutel uit het contact, zichzelf afvragend of ze vanuit beleefdheid haar kersverse moeder mee zal vragen naar Victor. Alsof ze haar gedachten leest zegt ze: ‘Het is voor nu goed zo, Lucia. Ik denk dat het beter is dat je dit moment met Victor alleen pakt.’
‘Dankjewel voor je begrip. Ik denk dat je gelijk hebt. Er is zoveel gebeurd deze laatste dagen, niet alleen met mezelf maar ook in relatie met Victor. Victor komt veel meer ruimte toe in mijn opgebouwde leven in Nederland en in ons gezin, hij was eigenlijk helemaal uit het zicht geraakt.’ Ze kijkt langs haar heen naar de bomen. ‘En onze moeder-dochterrelatie heeft ook aandacht nodig, ergens voelt het alsof dat niet kan zonder Victor maar ik kan dat niet goed uitleggen. Ik denk dat als ik zijn liefde nog meer kan ontvangen, ik de liefde van jou als moeder ook beter kan ontvangen en ervaren.’
‘Het zou eigenlijk andersom moeten zijn, als je van jongs af aan moederliefde krijgt is het ook minder moeilijk Victors liefde te ontvangen.’
Lucia begrijpt dat dit niet alleen over haar gaat maar ook over Madame Fleury zelf.
Er valt een stilte in de auto terwijl door het open dak het ruisen van de wind en het gefluit van vogels is te horen. ‘Het is goed, neem de tijd die je voor jezelf nodig hebt. Weet dat je meer dan welkom bent,’ zegt Madame Fleury, terwijl ze haar hand even op haar knie legt.
Ze omhelzen elkaar waarna ze uitstappen. Lucia overhandig haar de autosleutel. ‘Dankjewel, ik kom je heel snel weer opzoeken en natuurlijk ben je ook welkom bij ons in Nederland. De kinderen zullen hun oren niet geloven als ze horen dat ze een oma in Frankrijk hebben wonen.’ Het geeft een grote lach op het gezicht van Madame Fleury die om de deux-chevaux  heenloopt en instapt. Lucia kijkt haar na. Nog even zwaaiend met haar hand door het open dak rijdt ze het bos uit.

Tot zover.

Novelle Sleutel


Ik wil deze keer graag stil staan bij de zin:
‘Het zou eigenlijk andersom moeten zijn, als je van jongs af aan moederliefde krijgt is het ook minder moeilijk Victors liefde te ontvangen.’

Als je deze novelle in je bezit hebt en deze podcast volgt begrijp je inmiddels dat Victor staat voor wie Jezus was en is.
Ik haal deze zin eruit omdat het mij al langere tijd puzzelt en bezig houdt wat nou maakt dat het voor de een veel eenvoudiger is om te geloven in God of Jezus en zich te laten vullen met de Heilige Geest, terwijl een ander daar enorm mee worstelt en wel zou willen kúnnen geloven maar daar heel veel weerstand en of moeite bij ervaart.
Weerstand en moeite omdat het moeilijk is vertrouwen te hebben, of omdat God niet zichtbaar is en het daarom onmogelijk voelt om daar in te geloven, of omdat de afstand zo groot voelt dat die onoverbrugbaar voelt, of omdat je niet weet hoe je liefde en genade kunt ontvangen. Er zijn zoveel redenen te noemen waardoor het moeilijk kan zijn.
Wat ik zie is dat het ook vaak heeft te maken met in wat voor nest je bent opgegroeid. Was er onvoorwaardelijk liefde, werd je echt gezien en gehoord, kon je je ouders vertrouwen, kon je als dat nodig was op ze leunen. Konden je ouders zich emotioneel verbinden met jou zodat je in ieder geval voldoende veilig kon hechten en uiteindelijk ook kon onthechten op een goede manier?

Ik ben ervan overtuigd dat al deze dingen meespelen in hoe en in welke mate jij God in jouw leven en in deze wereld kunt ervaren.

Er is ook nog een andere kant. Want ik geloof ook dat als je in een nest bent opgegroeid waar je God en Jezus, het geloof, op een positieve manier met de paplepel naar binnen gewerkt hebt gekregen, dit ook kan maken dat je later als volwassen niet zo goed weet wie je nu eigenlijk zelf als mens bent. Omdat je bijvoorbeeld afhankelijk bent geworden in alles van God. Je niet zelf hebt leren kiezen, grenzen hebt leren ontdekken, enzovoort, maar je dat als het ware God liet doen.
Maar wie ben jij dan als mens, staand op je eigen voeten? Wat is dan je identiteit? Waar haal je dan een positief zelfbeeld uit? Wie ben jij dan als volwassene?

Het zijn allemaal vragen waarover ik steeds meer antwoorden probeer te vinden en te verzamelen omdat het mij interesseert en ik deels mijzelf er ook in herken.
Ergens langer geleden heeft het mij geholpen om te leren geloven door de persoon Jezus als het ware in mijn dagelijkse leven te betrekken, omdat de afstand naar God ergens in de hemel voor mij onoverbrugbaar was.
Jezus is natuurlijk de ideale persoon om je aan te hechten, net als Victor in Sleutel.
Nu ik weer verder ben in de tijd maakt het mijzelf inmiddels ook duidelijk wie ikzelf nog meer ben, niet alleen in veiligheid bij Jezus, maar ook zelf, staand op mijn eigen benen.
Als het ware met mijn voeten op de grond, mijn bestaansgrond, en mijn hoofd in de wolken is het soms een ontdekken en balanceren, en ik denk dat een levenslang proces is.

Ik ben natuurlijk heel benieuwd hoe jij dat als lezer van Sleutel of als lezer van deze blog ervaart, hoe jij dat ziet. Laat het me gerust weten via een mail, ook als je andere gedachten of inzichten hier over hebt.

Wil je meer ontdekken over Lucia en wat zij allemaal meemaakt als volwassene in het boomhuis van Grote Berceau dan kun je de novelle bestellen in de webshop van mijn website. Wil je de metafoor van een boom of een Eik meer uitwerken voor jezelf dan kan ik je het boek Groeikracht aanbevelen die ook te vinden is in mijn webshop via www.mirjamkarssen.nl

De volgende keer sta ik stil bij het veertiende en alweer laatste hoofdstuk uit de novelle Sleutel met als titel: Fonkelend nieuw leven.
Voor nu wens ik je alle goeds en….dat je voeten mogen gaan waar je hart wil zijn.


Archief

Categorieën